image
image

Nederland heeft ‘meer dan genoeg politieke avonturiers en te weinig stabiele partijen’. Daarom wil het CDA sinds dit jaar een kiesdrempel van drie zetels. Dit weekend stemt het CDA-congres over een kiesdrempel van twee zetels. Het partijbestuur adviseert de leden om voor te stemmen. Maar waarom?

De kiesdrempel is volgens het het CDA nodig vanwege de versplintering. Het versplinterde politieke landschap in Nederland ‘leidt tot een profileringsdrag die niet goed is voor het parlementair debat en evenmin voor de besluitvaardigheid.’ Het grote voorbeeld is Duitsland: politiek stabiel met vijf partijen waarvan er twee dominant zijn. Nederland lijkt er een politieke borderliner bij. Duitsland zou een beter debat kennen en grotere politieke stabiliteit door een hoge kiesdrempel. Die Duitse kiesdrempel is vijf procent van de stemmen, of vertaald naar de Nederlandse Tweede Kamer een drempel van zevenenhalf zetels. Een kiesdrempel creëert zo de ‘noodzakelijke herwaardering van de rol van brede volkspartijen’ zegt het CDA.

Waarom kiest het CDA voor zo’n lage kiesdrempel?

Een kiesdrempel van twee óf drie zetels is erg laag, vergeleken met de 7,5 zetels in Duitsland. Een kiesdrempel van twee zetels lijkt zelfs nutteloos. Bij de afgelopen verkiezingen zou geen enkele partij uitgesloten zijn door die drempel. Sterker nog: het is twintig jaar geleden dat een partij slechts één zetel won (ouderenpartij Unie 55+).

Het is dus onduidelijk wat deze symbolische maatregel moet bereiken, als het geen praktisch nut heeft.

Waarom kiest het CDA dan niet voor een hogere kiesdrempel?

Waarschijnlijk omdat het broedermoord zou betekenen op de christelijke partijen SGP en de ChristenUnie (als die eens slecht scoort). Die partijen (of haar voorgangers) zijn al sinds 1908 en 1918 aanwezig in de Tweede Kamer. En ik denk dat niemand betwist dat zij vaak een constructieve en positieve bijdrage leveren. Klein maar fijn, moet het CDA kortom gedacht hebben.

De versplintering: aantal partijen of zetelverdeling?

Maar leiden al die kleine partijen niet tot versplintering?’ Al die partijen moeten zich continue profileren om zichtbaar te zijn bij de kiezer. Bij de verkiezingen van 2012 wonnen elf partijen zetels in de Tweede Kamer. Op dit moment zijn er 14 partijen in de Kamer door afsplitsingen (50Plus/Klein, Roland van Vliet en Bontes/Van Klaveren). Is dat veel? Nou, dat valt mee als je de afgelopen dertig jaar bekijkt. Continue schommelt het aantal partijen dat zetels wint bij verkiezingen tussen de negen en twaalf partijen. Met elf partijen nu zitten we net boven het gemiddelde.

image
image

Als men het over versplintering heeft kan men het dus niet hebben over het aantal partijen dat in de Tweede Kamer zit.

Waar heeft men het dan over? Waarschijnlijk over de verdeling van de zetels over de partijen. Splits je dat uit, dan zie je een belangrijke trend: de centrumpartijen (volkspartijen VVD/CDA/PvdA) verliezen zetels. Die zetels gaan vooral naar middelgrote partijen als de SP, D66 en de PVV. De afgelopen dertig jaar zie je dat het verlies van de grote oude partijen ten goede komt aan nieuwe middelgrote partijen. Er ontstaat een vlak landschap. Op geen enkele manier zie je dat kleine partijen (kleiner dan vijf zetels) in aantal toenemen en aan de versplintering bijdragen.

image
image

Vaste aanhang volkspartijen krimpt 

Interessant daarbij is dat de bindingskracht van partijen steeds zwakker wordt. De vaste aanhang die altijd CDA stemt is op dit moment slechts vier zetels groot. Voor de PvdA (5) en VVD (7) is dat niet veel beter. IPSOS doet daar onderzoek naar voor hun onderzoek ‘bindingskracht’. Je ziet dat nu zes partijen potentieel meer dan dertig zetels kunnen scoren. Het resultaat is dat er geen duidelijke leidende partijen zijn, grote coalities gesmeed moeten worden en partijen snel kunnen groeien en imploderen. Dit leidt tot de huidige politieke instabiliteit.

image
image

Dom idee dus..?

Ja, deze proefballon (die weer profileringspuntjes geeft) heeft geen basis. Niet alleen heeft deze lage kiesdrempel praktisch geen enkel nut, ze belemmert ook nog eens de democratische kansen van kleine partijen. Die nemen niet in aantal toe, maar geven kiezers wel een mogelijkheid hun mening te laten horen. Een Partij voor de Dieren of de SGP zijn daarvan goede voorbeelden: het zijn podia voor andersdenkenden die op inhoud af en toe de anderen scherp kunnen houden. Met de onderliggende trend, een volatiele kiezer plus zes middelgrote partijen, doet het niks. Kortom: het huiswerk moet opnieuw gedaan worden.

Wel een goed idee: beperk mogelijkheden afsplitsingen

Heeft het CDA dan geen enkel waardevol idee over het beperken van het aantal partijen en hun profileringsdrang? Nee. Het voorstel om Kamerleden die zich afsplitsen alleen hun zetel mee te geven als zij op basis van voorkeursstemmen gekozen zijn is een goed idee. Daarmee voorkom je nu bijvoorbeeld drie extra partijen van mensen die geen direct mandaat van de kiezer hebben.

Comment